| # |
Aantekeningen |
Verbonden met |
| 6085 |
Jacob afkomstig van Grosthuyzen en Jantje van Obdam | Gezin (F16)
|
| 6086 |
Jacob en Hennie hebben drie pleegkinderen opgevoed en wel Johanna (Annie) ?? , Kees ?? en Jolanda Schouwenaars.
Jaap heeft drie maal over een beroerte gehad waardoor hij grotendeels invalide is geworden. | Pater, Jacob (I1368)
|
| 6087 |
Jacob had geen idee waar zijn grootouders van beide zijden hebben gewoond en overleden zijn. Hij stond zelf onder voogdij bij de Hervormde Diakonie van Wagenborgen. De boekhouder diaken gaf toestemming voor dit huwelijk.
Op 2 en 3 maart 1841 op verzoek van Jacob Fluks, koopman, wonende te Noordbroek, publiek te verkoopen: Eene partij Blaauwe Duffels, 2 Els Bokkebaai, fijne Lakens, eene groote menigte Broekstoffen, eenige stukken Paars Katoen en Gekleurde en Zwarte Merino's, 12 dozijn Paarse Doeken en hetgeen verder in eenen kompleten en welgeassorteerden Bontwinkel behoort. | Gezin (F8906)
|
| 6088 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | van der Reijden, Jacob (I12215)
|
| 6089 |
Jacob is niet gehuwd; zijn overlijden wordt aangegeven door broer Cornelis Hendrik en zwager Willem van Baren, broodbakker. | de Pater, Jacob (I2141)
|
| 6090 |
Jacob komt uit een Petroleumventersgeslacht uit 1880, dat van vader op zoon ging. Een schitterend verhaal hiervan is opgenomen in het archief. Ze kregen 4 zonen en 3 dochters. Zie Patertje dec. 1991/89 60-jarig huwelijk. | Bouw, Jacob (I418)
|
| 6091 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | Gezin (F542)
|
| 6092 |
Jacob verbleef vaak in Duitsland, terwijl Lammigje al voor hun scheiding huishoudster was bij Albert Wittenberg op het adres Schottershuizen A/149, later A/180. Op 7 mei 1900 kwam Albert Wittenberg alleen te staan doordat zijn echtgenote Grietje Scheper hem verliet, ze ging met haar dochtertje Metje terug naar Ruinen. De juiste datum dat Lammigje bij Albert ging wonen is niet bekend, wel is het zeker dat zij een aantal kinderen met zich meenam. | Gezin (F53)
|
| 6093 |
Jacob verhuisde in 1911 naar Woerden, waar hij boer was. Hij was ook plaatselijk bureauhouder en verzorgde o.a. de bonnen voor veevoeder en slachtvergunningen, hetgeen hij tot zijn 65 ste jaar deed.
Ook was hij commandant van de Burgerwacht.
Hij was plaatsvervangend Pachtkamer en lid van de handelsvereniging CMC-Melkunie. | Gezin (F357)
|
| 6094 |
Jacob verkocht voor 1716 in de Vroonlanden het stuk grond genaamd "Reijer Cornelis Meijerts erf, groot 40 roe aan Jan Reijertsz Graaf. Hij was erfgenaam van Cornelis Garbrantsz Booij. Tevens komt de volgende informatie voor : 1700 Jan Garbrantsz, bij overlijden van zijn vader Garbrandt Philipsz. 1710 Cornelis Garbrantsz Booij, bij overlijden van zijn broer Jan Garbrantsz. Jan en Cornelis komen als half broers voor in het langstlevende testament tussen Jacob en zijn vrouw Neeltje Garrebrands. | Pater, Jacob Pietersz van 't end (I101)
|
| 6095 |
Jacob? | Knijn, Jan (I5)
|
| 6096 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | Lampsins, Jacoba (I180)
|
| 6097 |
Jacobus is met broer Daniël en zus Jacoba ingeschrven geweest in het register van het inneemboek per 1 februari 1740. | de Vroeter, Jacobus (I11990)
|
| 6098 |
Jacobus is overleden in De Bilt maar staat geregistreed in Utrecht. Op zijn overleidens akte staat echter Pieter Verkuil. Toen zijn dochter Gerretje Verkuil huwde in 1866 werd ontdekt dat Jcobus Verkuil en Pieter Verkuil de zelfde persoon waren. | Verkuil, Jacobus (I3969)
|
| 6099 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | Gezin (F4650)
|
| 6100 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | Gezin (F4387)
|
| 6101 |
Jacobus was eerder gehuwd op 15-08-1645 met Adriana Gillon en op 29-12-1648 met Elisabeth Jansen | Gezin (F34)
|
| 6102 |
Jacobus woonde aan de Oostevollersteeg op de Langegragt en Rosette op de Binnevestgragt op de hoek van de Parkstraat.
Bij de doop van de kinderen komt men een aantal schrijfwijzen tegen voor de naam Trouwee Dit komt door de 'klerk' welke de naam moest schrijven en vaak op de klank van de uitspraak afging. Ook haalden die de naam vaak van een kladje van de herbergier of de waard. Die kon vaak wel schrijven. De correcte naam was niet belangrijk, als hij maar wist wie er nog moest betalen.
Vaak waren er speciale doopzondagen. Men moest dan de naam op een briefje afgeven. Die werden dan later door de klerk ingeschreven.
Omdat de ouders niet zelf konden schrijven lieten ze vaak door de waard de naam van de dopeling opschrijven.
| Gezin (F4412)
|
| 6103 |
Jacobus woonde in de Coolstraat op de Langegragt. Hermijntje (ook wel Arremijntie genoemd) woonde op de Langegragt. Jacobus heet hier Trouwé en zijn vader Karel Trouwê. | Gezin (F4399)
|
| 6104 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | Gezin (F4379)
|
| 6105 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | van Voorst, Jaimy (I8644)
|
| 6106 |
Jakob was slager te Barneveld en heeft zorg gedragen voor meerdere slagers in zijn familie, nl. Willem, Goudriaan, Jakob, Marius en Cornelis. Dochter Heintje trouwt later met een slager. ( BW 751) | Pater, Jakob (I675)
|
| 6107 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | Gezin (F877)
|
| 6108 |
Jamestown | Gezin (F196)
|
| 6109 |
Jan (Johannes) is geboren aan de Zijlsingel. | Trouwee, Johannes (I12442)
|
| 6110 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | Koppelaar, Jan Arie (I1379)
|