| # |
Aantekeningen |
Verbonden met |
| 1925 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | Gezin (F3015)
|
| 1926 |
bij overlijden woonde hij in de Hovestraat L331. | de Pater, Bastiaan (Sebastianus, Bastianus) (I424)
|
| 1927 |
Bij overlijden wordt hij Trawee genoemd, oud 56 jaar (?) man van E. Wiessijn, wonende Waardgracht bij de Groenesteeg. | Trouwee, Hendrik (I11964)
|
| 1928 |
Bij volmacht (met de handschoen) en met toestemming koningin. | Gezin (F326)
|
| 1929 |
bij vonnis van 15-05-1882 van de arrondissementsrechtbank te Rotterdam op verzoek van Jacob Helvert | Gezin (F1927)
|
| 1930 |
Bij vonnis van de arr. rechtbank Arnhem op 6 februari 1868 is in de acte de wijziging gelast van de geboorte van 'Gerrit...zoon' in 'Geertje..dochter'. | Bloemink, Geertje (I3482)
|
| 1931 |
Bij vonnis van de Arr.Regtbank te Leeuwarden, dd. 15 Junij 1882, is FRANS PATER, Koopman en Winkelier (div. reclame advertenties) te Ternaard, verklaard te zijn in staat van faillissement, aangevangen den 12 Junij bevorens. | Pater, Frans (I58)
|
| 1932 |
Bij vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Amsterdam, zesde enkelvoudigekamer, van 12 april 1956 is echtscheding uitgesproken tussen Klaas Pater en Cornelia van der Pol, wonende te Amstelveen. Mr. D. Wiersma. | Gezin (F2300)
|
| 1933 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | van Santen, Aart (I876)
|
| 1934 |
Bij zijn geboorte heet zijn vader: Jean Mathieu Paters. Waarschijnlijk een gevolg van de Franse invloed. De GA is opgesteld in het Frans en zijn vader zou 56 jaren oud zijn. | Paters, Pierre Mathieu (I46)
|
| 1935 |
Bij zijn geboorte treedt ene Dirk Pater oud 54 jaren op als getuige. Zijn beroep is stadsarbeider. Het is niet duidelijk of hij familie is. | Pater, Gerrit (I1893)
|
| 1936 |
Bij zijn huwelijk gaat hij in Oudkarspel huis nr.113 wonen en in 1842 woont hij daar nog. Op 25-10-1853 verhuizen ze naar Haringcarspel wijk H.H.Waard nr.147. Daarna wonen ze in wijk N nr.17. Op 23-6-1863 verhuizen ze naar Zuid-Scharwoude. | Pater, Petrus Jansz (I25)
|
| 1937 |
Bij zijn huwelijk is hij boerenknecht. | van Burken, Hendrik (I580)
|
| 1938 |
bij zijn huwelijk is hij fuselier van de 14e afdeling infanterie | Lokhorst, Eibert (I2568)
|
| 1939 |
Bij zijn huwelijk is Johan predikant te Maarssen | Gezin (F8)
|
| 1940 |
Bij zijn huwelijk was Hendrik, evenals zijn vader, zilversmid. (Merkteken is bekend). Hendrik was ook nog linnenverver en marktmeester. | Gezin (F14)
|
| 1941 |
Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | Gezin (F60)
|
| 1942 |
Bij zijn overlijden (plotseling) woonden ze aan de Voorstreek 6 boven. | Pater, Andries (I894)
|
| 1943 |
Bij zijn overlijden krijgt elk kind 1/14 deel. Dochter Johanna wordt hier niet in genoemd. (Mem. van Successie Rhenen Inv. nr. 32 2-1-1886, Rijksarchief Utrecht.) | Pater, Kors (I169)
|
| 1944 |
Bij zijn overlijden laat hij een vermogen na van fl 107.800,= | van den Bosch, Jan (I146)
|
| 1945 |
Bij zijn overlijden liet hij een vermogen na van 230.000. | Hinlopen, Jan (I38)
|
| 1946 |
Bij zijn overlijden was zijn rijkdom onbetwist:
Hij was eigenaar van de plantages La Jalousie, Beekhuizen, nabij Paramaribo en een plantage aan de Cottica., Berg en Dal, Lieftenshoek en Mijn Hoop
La Jalouzie en Beekhuizen waren goed florerende bedrijven, het economisch klimaat was gunstig en Gerrit werd de rijkste ingezetene van Suriname.
Blijkens een inventarisatie in 1744 werd het bezit geerfd door zijn zoons Gerrit Jr. en Cornelis.(ARA NOT inv. no 179 p. 138) Cornelis is het jaar daarop overleden, en diens dochtertje Catharina Lucia erfde zijn aandeel.
In de periode 1744-1772 is de plantage Groot-Jalousie 10x geinventariseerd.
1744 De plantage was onveranderd 2100 akkers groot.
414 slaven,watermolen,suiker,pluimvee,moestuin,varkens,kostgronden,koffie,
cacao
1745 eigenaar Gerrit Pater Jr.1/2 deel en Pichot en Graaflandt Jacobsz
als voogden van de minderjarige dochter van Cornelis 1/2 deel
412 slaven,watermolen,suiker,kostgronden,pluimvee,varkens,moestuin,koffie,
cacao
1748 verandering van directie
1751 eigenaars: onmondige zoon van Gerrit (Gerrit) en minderjarige dochter van Cornelis (Catharina Lucia)
1757 Baron van Lynden tot Swanenburgh wordt gemachtigde voor Cath. Lucia
1772 2100 akkers,298 slaven,watermolen,suiker,tayer,bananen,duiven,
weidegrond,hoornbeesten,moestuin.
Tot diep in de 19e eeuw heette de plantage La Jalousie, Groot is kennelijk van recentere datum.
In 1744 stond deze grote (de allergrootste van Suriname) plantage op de top van zijn productie.
De slavenmacht was toen 414 mensen. Het riet werd verwerkt met een watermolen.
In 1793 was de plantage nog steeds familiebezit maar werd beheerd door administrateurs De familie Pater woonde niet meer in Suriname,Catharina Lucia is in 1756 getrouwd met Baron van Lynden tot Swanenburg. Zij woonden waarschijnlijk in het kasteel Swanenburg in Gelderland, nabij Gendringen aan de Oude IJssel
In 1821 werd de plantage gedeeld beheerd door de erven van Lynden Swanenburg en een negociatiefonds Roquette en van de Poll.
In 1863 werden de 119 slaven vrijverklaard en kregen de eigenaars, de fam. von Ungern Sternberg, allen woonachtig in Duitsland, een "tegemoetkoming" van F 35100.-
| Pater, Gerrit (I1)
|
| 1947 |
Bij zijn roep staat det toevoeging o/v Wapenen. | van der Berg, Jacobus (I2574)
|
| 1948 |
bijgezet in het familiegraf op de Hervormde begraafplaats te Polsbroek | Timmer, Teuntje (I1617)
|
| 1949 |
Bijgezet in het graf van haar ouders. | Polac, Irena (I241)
|
| 1950 |
bijlage van de notaris:
vader van de bruid, Willem de Pater, heeft de stad in 1790 verlaten.
zonder dat men weet waarheen hij is vertrokken. | Gezin (F1218)
|